Rechtsgeldige overeenkomst sluiten via Whatsapp?

In de huidige samenleving worden steeds vaker afspraken gemaakt via WhatsApp, e-mail of andere berichtenapps. Maar hoe zit dat juridisch? Kun je met een simpel appje echt een rechtsgeldige overeenkomst sluiten? Of moet een contract altijd “officieel” op papier worden vastgelegd?

Volgens artikel 6:217 van het Burgerlijk Wetboek (BW) komt een overeenkomst tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan. De wet vereist niet dat een overeenkomst schriftelijk moet zijn, ook een mondelinge of digitale afspraak kan dus rechtsgeldig zijn.

Dat betekent dat ook een reeks WhatsApp-berichten, waarin duidelijke afspraken worden gemaakt en bevestigd, in principe een geldige overeenkomst kan vormen. Denk aan afspraken over een dienst, betaling of levering van goederen.

De inhoud van het WhatsApp-gesprek is doorslaggevend om te beoordelen of het gesprek bindend is. Is er sprake van een concreet aanbod en wordt dat aanbod geaccepteerd? Dan kan er een overeenkomst ontstaan, ook als dat gebeurt via WhatsApp. Het gaat er niet om waar of hoe iets wordt afgesproken, maar wat er wordt afgesproken en of beide partijen het daarmee eens zijn. Een overeenkomst per app is dus mogelijk maar het is niet altijd even verstandig.

Milou van Asseldonk

Mr. Milou van Asseldonk

Maar hoe bewijs je dit? Hoewel digitale communicatie steeds vaker als bewijs wordt geaccepteerd, is dat niet zonder risico’s. Een appje kan verkeerd worden geïnterpreteerd of onvolledig zijn. Ook kunnen berichten worden verwijderd of gewijzigd. Daarnaast is niet altijd duidelijk wie precies achter een bericht zit, vooral bij het gebruik van een gedeeld apparaat of bedrijfsaccount.

Bij belangrijke afspraken is het daarom aan te raden om een bevestiging per e-mail of schriftelijke overeenkomst te maken. Dat verkleint de kans op discussie achteraf.

Concluderend kan een via WhatsApp overeengekomen overeenkomst kan aldus rechtsgeldig zijn, mits aanbod en aanvaarding voldoende duidelijk zijn. Toch is voorzichtigheid geboden, vooral als het gaat om financiële of zakelijke verplichtingen. Zorg dat je communicatie goed vastligt, en wees alert op interpretatieverschillen.

Heb je te maken met een WhatsApp-geschil of twijfel je of een digitale afspraak bindend is? Neem gerust contact met ons op. We denken graag met je mee en helpen je om je rechtspositie te bepalen.

 

2025-09-30T08:35:59+00:0030 september 2025|

Kindgesprek sinds 1 juli 2025 vanaf 8 jaar

In familierechtelijke kwesties zoals echtscheiding, gezag, omgang of jeugdbeschermingsmaatregelen, is het van groot belang dat ook het kind een stem krijgt. Veel mensen denken dat kinderen vanaf hun twaalfde zelf mogen beslissen waar ze willen wonen of dat ze nog omgang willen met een ouder, in werkelijkheid ligt het juridisch net even anders.

Volgens artikel 809 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) moet een kind van 12 jaar of ouder in de gelegenheid worden gesteld om zijn of haar mening te geven in zaken die hen direct aangaan. Denk aan een ondertoezichtstelling, een uithuisplaatsing of een wijziging van het gezag. De rechter nodigt deze kinderen uit voor een zogeheten kindgesprek. Dit is een informeel, kort gesprek waarin het kind kan vertellen wat het belangrijk vindt.

Men denkt vaak dat een kind vanaf 12 jaar zelf een beslissing mag nemen. Dat is uitdrukkelijk niet het geval. De rechter neemt het standpunt van het kind mee in zijn of haar afweging, maar is er juridisch niet aan gebonden. Zo kan een kind heel duidelijk aangeven niet bij één van de ouders te willen wonen of geen omgang te willen, maar kan de rechter dan alsnog anders beslissen als dat in het belang van het kind wordt geacht. Het standpunt van het kind is dus belangrijk, maar niet doorslaggevend.

Milou van Asseldonk

Mr. Milou van Asseldonk

Onder invloed van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind – dat bepaalt dat kinderen het recht hebben om gehoord te worden in procedures die hen aangaan – is besloten dat rechtbanken vanaf 1 juli 2025 kinderen vanaf 8 jaar, onverplicht, zullen uitnodigen voor een kindgesprek. Deze ontwikkeling onderstreept het belang van het serieus nemen van de stem van het kind in familierechtelijke kwesties.

Het verschil tussen “mogen meebeslissen” en “worden gehoord” is dus essentieel. Ouders, hulpverleners en zelfs juristen halen die begrippen soms door elkaar. Toch is het belangrijk om dit onderscheid scherp te houden. Het geeft kindgesprek geeft kinderen een stem, maar beschermt hen ook tegen de zware verantwoordelijkheid van het nemen van beslissingen over hun eigen toekomst.

Kortom: kinderen vanaf 12 jaar worden verplicht gehoord, kinderen vanaf 8 jaar meestal in de praktijk, maar in geen geval beslissen zij zelf. Dat blijft – soms gelukkig – de verantwoordelijkheid van de kinderrechter.

Vragen over de rol van kinderen in familierechtelijke procedures of wil je weten wat dit in jouw specifieke situatie betekent? Neem dan contact met ons op via info@bouwmanadvocaten.nl of bel naar 0413-266069.

2025-09-15T07:33:06+00:0015 september 2025|
Go to Top