Regelmatig krijgen wij de vraag voorgelegd of een ontslagvergoeding in de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap moet worden betrokken. Te meer nu de ontslagvergoeding grotendeels dient ter compensatie van het feit dat een werknemer minder inkomen zal genieten als gevolg van het ontslag.
Op 24 juni 2016 heeft de Hoge Raad – het hoogste rechtsprekende orgaan van Nederland – geoordeeld over de vraag of een ontslagvergoeding welke was ingebracht in een stamrecht B.V. al dan niet in de verdeling moest worden betrokken. Wanneer een boedelbestanddeel namelijk verknocht is aan één van de partijen, dan behoeft dit boedelbestanddeel niet te worden verdeeld.
De partijen in deze zaak waren in 1974 in algehele gemeenschap met elkaar gehuwd. In juni 2013 was het huwelijk door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking ontbonden. In 2007 werd aan de man een ontslagvergoeding toegekend. De man heeft vervolgens een stamrecht B.V. opgericht. Er ontstond voor de man een aanspraak op een periodieke uitkering uit deze B.V. De vraag die in deze zaak centraal stond was of de toekomstige aanspraak van de man jegens de B.V. al dan niet deel uitmaakt van de te verdelen huwelijksgoederengemeenschap.
De Hoge Raad oordeelde dat – nu de aanspraak van de man jegens de B.V. strekte tot vervanging van inkomen dat hij bij voortzetting van het dienstverband na de ontbinding van het dienstverband zou zijn genoten – deze aanspraken niet in de gemeenschap vallen. Immers, ook toekomstig loon voor nog te verrichten arbeid valt niet in de gemeenschap. De vraag die in dergelijke gevallen dan ook moet worden beantwoord is in hoeverre de aanspraak betrekking heeft op de periode voor en na de ontbinding van de huwelijksgemeenschap. De vraag in hoeverre de aanspraak daadwerkelijk werd verzilverd is niet van belang.
Uit deze uitspraak volgt duidelijk dat het van groot belang is dat de aard van een ontslagvergoeding nauwkeurig wordt omschreven. Immers, wanneer kan worden aangetoond dat een aanspraak betrekking heeft op een periode na ontbinding van de huwelijksgemeenschap, dan behoeft de aanspraak niet in de verdeling te worden betrokken.
Mocht u naar aanleiding van deze bijdrage nog vragen hebben, neemt u dan contact met ons op zodat wij een afspraak met u kunnen maken op ons gratis spreekuur. U kunt ons bereiken op telefoonnummer 0413 – 266 069.

CategoryNieuws

© 2015 BOUWMAN ADVOCATEN | ONTWIKKELD DOOR BURO TWEEVOUD

logo-footer

Volg ons op social media: